Levenslicht, lofzang op de mikrokos'mos'

Levenslicht gaat over de kracht van verwondering.

Levenslicht geeft een inkijkje in de magische, haast surrealistische lichtwereld van mossen. Hun kleurrijke sporenkapsels zijn ’s winters vaak beladen met dauwdruppels en vorstkristallen. Hoe minuscuul klein ook, deze mikrokosmos weerspiegelt ijsvlakten, landschappen vol wolkenluchten en stralend licht.

Levenslicht laat zien dat een open houding kansen biedt om onszelf en de wereld om ons heen anders te ervaren. Levenslicht is een metafoor voor onze innerlijke reis. Al wat zij vraagt is ontvankelijkheid voor het onbekende.

Muziek: Mozart, Vivaldi, Dvorák, Saint-Saëns, Wagner en Respighi.
Duur: 38 minuten

Trailer Levenslicht

Levenslicht ontvouwt zeven sferen van de innerlijke reis.

 1.   Ontwaken

Hoe rijk en gevarieerd is de wereld van de mossen, wat een palet aan kleur en vorm, wat zijn ze fragiel, wat een wondere wereld!
W.A. Mozart (1756-1791), Klavierkonzert in A-dur nr. 23 KV 488 -II Adagio (1786)
 


2.   Ontroering

Geraakt door deze mikrokosmos komen tranen van ontroering op. Deze tranen fonkelen als dauwdruppels op de sporenkapsels tot zij verdwijnen in warmte van de zonnestralen.
C. Saint-Saëns (1835-1921), Le carnaval des animaux - VII Aquarium (1886)
 


3.   Verstilling

Voorbij ontroering ontvouwt zich stilte als in een winters landschap van sneeuwvlokken en ijskristallen.
A. Vivaldi (1678-1741), Stabat Mater  Dolorosa RV 621 - I Largo (1727?)
 


4.   Innerlijk vuur

In deze stilte, gelijkend op de stilte in het ontwaken van de ochtend, verschijnt het licht: zacht, mild, fonkelend, brandend, ontbrandend als innerlijk vuur.
A. Dvorák (1841-1904), Rusalka, Opera in 3 Aktes Opus 114 - Predehra (1901)
 


5.   De angst voorbij

In diezelfde stilte toont de wereld zich in al haar facetten; fragiel, lieflijk, dreigend, imposant, beangstigend. Haar telkens opnieuw open bezien vraagt groots vertrouwen.
R. Wagner (1813-1883), Tristan und Isolde, Opera in 3 Aktes - A.III Einleitung (1865)
 


6.   Zo boven-zo beneden

In vertrouwen vervagen grenzen, boven is beneden, er ontstaan weidse landschappen in de mikrowereld, de wereld van het universum spiegelt zich in het kleine.
O. Respighi (1879-1936), Rossiniana. Suite per orchestra da ‘Les Riens’ de G. Rossini - II Lamento (1925)
 


7.   Het ego ontstegen

Deze wereld raakt aan een diep verlangen. Verlangen naar schoonheid, naar overgave, naar liefde. Hier versmelt je met de wereld om je heen, hier ga je op in het hemelse licht.
C. Saint-Saëns (1835-1921), Requiem, Opus 54 - Agnus (1878)